Pagina's

dinsdag 20 mei 2014

Cash geld in handelszaken: nuttige tips voor preventie

In handelszaken gebeuren nog steeds heel wat transacties met cash geld. Die zelfstandige ondernemers lopen dan ook een groot risico op diefstal, al dan niet met geweld. Behalve de financiële schade die dat met zich meebrengt, heeft een dergelijk voorval ook een psychologische impact en leidt het tot een gevoel van onveiligheid.  Door enkele preventieve maatregelen te nemen en het personeel te sensibiliseren en te begeleiden, kunt u de risico’s beperken en zorgen voor een sfeer van vertrouwen.

Infrastructuur en uitrusting

Indien de omstandigheden dit toelaten, kunt u een of meerdere van de volgende preventieve maatregelen nemen, die worden voorgesteld door afdeling Veiligheid en Preventie van de FOD Binnenlandse Zaken (zie referentie):

• goedgekeurd alarmsysteem.
• videobewaking.
• beveiligde kassa.
• goede verlichting die mogelijke aanvallers afschrikt.
• alarmknop of “overvalknop” binnen handbereik.
• goed zicht op de ingang en op de zaak zelf.

De kassa

Een kassa heeft uiteraard een grote aantrekkingskracht op potentiële dieven. Zorg daarom voor een duidelijk preventiebeleid en licht uw personeel hierover in.

Stel de kassa verdekt op:

• Algemene regel: houd de kassa zelf en de inhoud ervan zoveel mogelijk uit het zicht van de klanten. Laat ook nooit geld zichtbaar op de toonbank liggen.

• Wacht tot na de openingsuren om uw kassa op te maken.

Open de kassa alleen als dit echt nodig is:

• Laat de kassa nooit open staan.

• Wees op uw hoede als klanten geld willen wisselen zonder iets te kopen.

Bewaar zo weinig mogelijk geld in de kassa:

• Bewaar nooit meer cash geld in de kassa dan nodig is om te kunnen wisselen. Zo verkleint u het risico op diefstal en beperkt u de schade mocht er toch iets worden gestolen.

• Breng het geld uit de kassa zo snel mogelijk over naar de bank of een kluis.

• Stimuleer de klanten om elektronisch te betalen en weiger gerust grote coupures als die niet in verhouding staan tot de aankoop.






maandag 19 mei 2014

Mogen landbouwers 's nachts werken?



Het voorjaar en de zomer gaan jaarlijks gepaard met een enorme drukte op de vele akkers die onze zone rijk is. We krijgen heel regelmatig de vraag of het toegelaten is dat landbouwers ook ’s nachts aan de slag gaan. Het antwoord is: ja, van 1 maart tot en met 30 november.

Lawaai is toegelaten indien noodzakelijk


Officieel klinkt het zo: lawaai wordt als niet hinderlijk beschouwd van 1 maart tot en met 30 november voor zover de activiteiten noodzakelijk zijn wegens specifieke weers-, plant- en oogstomstandigheden.

Dat houdt in dat het verboden is om zonder reden of noodzaak geluid te veroorzaken dat de rust van de omwonenden verstoort, als dat toe te schrijven is aan een gebrek aan vooruitziendheid en voorzorg.

Overlast op de weg

Landbouwactiviteiten leiden soms ook tot andere problemen: zwaardere verkeersdruk, verkeershinder en modder op de weg. Bij regenweer wordt het wegdek hierdoor spiegelglad, met slippartijen en soms een ongeval als gevolg. De regel is dat landbouwers de bevuilde wegen zo snel mogelijk moeten reinigen en bij slipgevaar het verkeer hierop attent moeten maken (art. 7 en art. 78 van het verkeersreglement).

Pas je rijstijl aan

Het spreekt voor zich dat de bestuurder van een tractor of ander landbouwvoertuig zijn rijstijl moet aanpassen. Langs de andere kant geldt dit ook voor de andere weggebruikers. Zij moeten rekening houden met mogelijk besmeurde wegen en waar nodig hun rijstijl aanpassen (art. 10.1.1 van het verkeersreglement).

zondag 18 mei 2014

Hallo ouders ?

Wanneer een kind verloren gelopen, gewond, ziek of in gevaar is, is het belangrijk dat de volwassene die met deze situatie wordt geconfronteerd snel en makkelijk kan reageren.

Om dit mogelijk te maken, werd de dienst HALLO OUDERS opgericht.

HALLO OUDERS is een systeem van oproepnummers die trapsgewijs worden gebeld. Hiermee wordt de kans om de ouders te kunnen contacteren véél groter.

Wanneer de dienst geactiveerd is, volstaat één enkel telefoontje om de ouders opeenvolgend en automatisch te bereiken op 1 tot 7 nummers die zij vooraf geprogrammeerd hebben (gsm mama, gsm papa, telefoon thuis, werk, enz.).

Als er nog steeds geen antwoord is, wordt de oproep automatisch doorgeschakeld naar CHILD FOCUS, die 24 uur per dag bereikbaar is.

HALLO OUDERS zorgt er dus voor dat iedereen die uw kind vindt u snel kan contacteren, of u nu thuis bent, op het werk, in de winkel of op verplaatsing.

De dienst HALLO OUDERS wordt automatisch verbonden aan alle Kids-ID (een identiteitsbewijs voor kinderen van 0 tot 12 jaar). Alle ouders die dit wensen, kunnen op deze site deze dienst gratis en in een handomdraai activeren.

Eens de dienst geactiveerd, zal elke persoon die uw kind in moeilijkheden vindt, het telefoonnummer van HALLO OUDERS kunnen bellen dat vermeld staat op de achterzijde van het Kids-ID.  Vanaf dat moment wordt het eerste nummer uit de oproeplijst gebeld.

Heeft uw kind nog geen Kids-ID? Vraag er meteen een aan in uw gemeente. 

Meer info op  www.halloouders.be

vrijdag 16 mei 2014

Hoe herken je een politieambtenaar?

Een politieambtenaar is te herkennen aan zijn uniform en zijn graadkentekens

Een overzicht van de graadkentekens kan je hier vinden.

Een politieambtenaar kan zich kenbaar maken door het tonen van zijn legitimatiekaart.

De kaart ziet er voor alle politieambtenaren hetzelfde uit, ook als ze van een andere politiezone afkomstig zijn. Er wordt enkel een kleuronderscheid gemaakt tussen de legitimatiekaart van een politieambtenaar en een agent van politie.

De legitimatiekaart van een politieambtenaar heeft een voor- en achterzijde met okergele achtergrond waarop een "logo in beweging" staat afgebeeld. De legitimatiekaart van agenten van politie heeft een voor- en achterzijde met blauwe achtergrond. Beide kaarten hebben een bankkaartformaat, zijn rechthoekig met afgeronde hoeken, voorzien van veiligheidsopdrukken o.a. een hologram (politielogo) en zijn geplastificeerd.

Volgende vermeldingen komen op de legitimatiekaart voor:
  • linksboven: de voornaam en naam van de houder;
  • rechtsboven: het politielogo;
  • linksmidden: een pasfoto van de houder;
  • middengedeelte: identificatienummer van de houder, daaronder het volgnummer van de kaart en onder dit nummer de vermelding “POLITIE” in de drie landstalen;
  • onderaan: “Koninkrijk België” in de drie landstalen;
  • achterzijde: de graad van de houder in de drie landstalen - bij de legitimatiekaart van agenten staat “(HULP)AGENT VAN POLITIE” i.p.v. “POLITIE” en komen geen vermeldingen voor op de achterzijde.
Politieambtenaren in burgerkledij kunnen zich bijkomend legitimeren d.m.v. het dragen van de interventiearmband.

Indien je twijfelt, kan je de politieambtenaar steeds vragen om zich te kenbaar te maken.

Lijken bepaalde zaken of handelingen verdacht, neem dan contact op met het hoofdcommissariaat of de politiepost of bel het noodnummer 101.

Veiligheidsdag Politie Geraardsbergen op zaterdag 17 mei 2014


Op zaterdag 17 mei 2014 organiseren onze collega's van de politiezone Geraardsbergen in samenwerking met de brandweer een Veiligheidsdag.

Tussen 14u en 18u zwaaien de deuren van het politiegebouw in de Denderstraat te Geraardsbergen open voor het grote publiek.  Bezoekers kunnen deelnemen aan een begeleide rondleiding in het gebouw. 

Je kan die dag ook kennismaken met de laatste nieuwe snufjes inzake diefstalpreventie.  Er zal een demonstratie zijn van geweldbeheersing, kinderen kunnen hun fietsvaardigheid testen op het fietsparcours of een foto laten maken op een politiemoto en de lokale politie stelt hun bewapening voor. 

Kinderanimatie is voorzien: springkasteel en kindergrime.

donderdag 15 mei 2014

Kinderen in de auto ....

Meer dan waarschijnlijk sta je er niet echt bij stil als je de gordel van jouw kindje in de wagen vast maakt maar in een correct gebruikt autozitje loopt je oogappel drie keer minder gevaar om gedood of zwaargewond te worden bij een ongeval !!!

80% van de ouders denkt dat hun kind perfect vast zit, maar niets is minder waar.

Uit onderzoek blijkt immers dat 1 op 2 kinderen fout vastzit in de wagen.

Hoe zit het met jouw kind? Bekijk de filmpjes op de www.kinderenindeauto.be en controleer of je het goed doet.

woensdag 14 mei 2014

Resultaten verkeerscontroles

Resultaten flitscontroles zonder onderschepping van 12 mei 2014

Sint-Lievens-Houtem

Aantal controles: 57
Aantal overtredingen: 12

Herzele

Aantal controles: 203
Aantal overtredingen: 52

Zottegem

Aantal controles: 887
Aantal overtredingen: 131

Hoe reageren op pestgedrag ?

Pesten is een sluipend proces dat door het slachtoffer en zijn omgeving pas na enige tijd wordt ontdekt. Het kan gaan om subtiel en indirect kleineren, zoals negeren, roddelen of uitsluiten tot rechtstreekse agressie zoals verbale of fysieke bedreigingen, vernedering, beschadiging of diefstal van schoolgerief, en dit herhaaldelijk, zij het niet noodzakelijk dagelijks.

Het komt erop neer dat dit soort gedrag het leven ondraaglijk kan maken en de gevolgen ervan tot heel lang nadien kunnen nawerken, met een laag zelfbeeld of depressie als gevolg.

Pesten is een groepsfenomeen : een kind gedraagt zich agressief, enkele anderen doen mee, nog anderen doen niets. De volwassenen negeren bewust of onbewust dit gedrag door het af te doen als “iets dat nu eenmaal gebeurt als je een hoop kinderen bij elkaar zet”.


Hoe reageren ? 

• Moedig je kind aan om over zijn ervaringen, ook de slechte, te praten en zijn emoties te uiten.

• Praat met de leerkrachten en blijf objectief. Probeer samen een strategie uit te dokteren.

• Als je er alleen niet uitgeraakt, contacteer dan een specialist.


Hoe maak je het nog erger ?

• Door de schuld bij je kind te zoeken, door te zeggen : “Als je dat had gedaan....”

• De confrontatie met de ouders van het pestende kind zoeken, zeker als je deze niet goed kent.

• Zelf het pestende kind aanpakken. Het geeft enkel de indruk dat je kind zijn eigen boontjes niet kan doppen.

• Je kind al van bij het eerste gesprek met de leerkrachten meenemen.

Infoavond "drugs" in het hoofdcommissariaat van de Lokale Politie Zottegem/Herzele/Sint-Lievens-Houtem

Op vrijdagavond 09 mei 2014 organiseerde Het Rode Kruis Afdeling Zottegem een infoavond rond drugspreventie voor haar leden in de vergaderzaal “Egmont” van het hoofdcommissariaat van de Lokale Politie Zottegem/Herzele/Sint-Lievens-Houtem.

Mevrouw Marijke Van Audenhove, drugbegeleider verbonden aan PISAD regio Zottegem/Herzele/ Sint-Lievens-Houtem, schetste de werking van PISAD. Tevens gaf ze uitgebreide productinformatie en lichtte ze de verschillende signalen van een mogelijk gebruik en/of misbruik van verboden middelen toe. Marijke sloot haar presentatie af met meerdere nuttige tips in het omgaan met druggebruik bij jongeren.

Tot slot was er voor de 70- tal aanwezigen de mogelijkheid om diverse illegale producten en gebruiksvoorwerpen van dichterbij te bekijken, vergezeld van de nodige toelichting door politie-rechercheur Dirk Danckaert.

Na de uiteenzetting ontvingen de verschillende sprekers positieve reacties. Hieruit blijkt nogmaals de noodzaak en het nut om zulke infosessies te blijven organiseren in de toekomst.

Jobinfo Koninklijk Atheneum Zottegem

Op dinsdagvoormiddag 13 mei 2014 organiseerde het Koninklijk Atheneum Zottegem naar jaarlijkse gewoonte een jobinfodag voor alle laatstejaarsstudenten van de campus.

Meer dan 100 leerlingen werden uitvoerig onderhouden over een toekomstige tewerkstelling in diverse diensten, zowel in de private sector als in openbare diensten. De verschillende standhouders - uitzendkantoren, bedrijven, organisaties en opleidingscentra boden vacatures en opleidingen aan en gaven een toelichting over hun organisatie.

Ook de lokale politie van de zone Zottegem/Herzele/Sint-Lievens-Houtem was aanwezig en werd vertegenwoordigd door Hoofdinspecteur van Politie Luc Vandenberghe en Inspecteur van Politie Johan Lenssens.

Johan Lenssens maakte de aanwezigen warm voor een carrière bij de politie, dit aan de hand van een videofilm en een powerpointvoorstelling. Hij schetste ook het verloop van de aanwervingprocedures en de carriêremogelijkheden bij de lokale en federale politie.



zaterdag 10 mei 2014

Kleine aanpassingen aan het voertuigtechnische reglement in verband met de periodieke en niet-periodieke keuringen

Het aanpassings-KB van 4 april 2014 bepaalt volgende wijzigingen:
  • In verband met de niet-periodieke keuring van voertuigen na zware beschadiging, moeten elke bevoegde persoon en elke auto-expert dit melden bij de Federale Overheidsdienst Mobiliteit en Infrastructuur. Hiermee krijgt de auto-expert een rol die voordien toebedeeld was aan de verzekeraar die het deskundig onderzoek heeft bevolen.
  • Wanneer een voertuig van titularis verandert, dan mocht dit voertuig ter keuring aangeboden worden met zijn laatst afgeleverde kentekenbewijs of met een commerciële plaat. Voortaan mag dit voertuig ook aangeboden worden met een andere kentekenplaat, op voorwaarde dat de houder ervan ook als houder vermeld wordt op de aanvraag voor de nieuwe kentekenplaat en het bijbehorende inschrijvingsbewijs. Bij de kentekenplaat hoort ook steeds het kentekenbewijs of inschrijvingsbewijs.
  • De andere wijzigingen hebben betrekking op het herordenen van nummeringen en op het aanpassen van enkele termen.
Het aanpassings-KB van 19 maart 2014 maakt een periodieke keuring verplicht voor landbouw- en bosbouwtrekkers die gebruikt worden buiten het kader waarvoor zij werden ontworpen.

De keuringsperiodiciteit van landbouw- en bosbouwtrekkers hangt af van de maximaal toegelaten massa (MTM):
  • keuring om de twee jaar bij 3.500 kg < MTM ≤ 7.500 kg;
  • keuring om het jaar bij MTM > 7.500 kg.
Volgende landbouw- en bosbouwtrekkers zijn vrijgesteld van deze periodieke technische keuring:
  • wanneer de MTM niet hoger ligt dan 3.500 kg;
  • wanneer professioneel of privé gebruikt in de landbouw, tuinbouw, bosbouw of visteelt;
  • wanneer gebruikt door wegbeheerders of hun aannemers bij het concrete wegbeheer.
Beide aanpassings-KB’s gelden vanaf 1 mei 2014.

vrijdag 9 mei 2014

Resultaten verkeerscontroles

Resultaten flitscontroles zonder onderschepping van 08 mei 2014

Zottegem

Aantal controles: 327
Aantal overtredingen: 127

Herzele

Aantal controles: 1004
Aantal overtredingen: 6

Werken Zonnegem

Op 5 mei werd een infoavond georganiseerd voor de geplande collector-, riolerings- en wegeniswerken in Zonnegem.

De voorstellen voor de weginrichting kregen er veel aandacht.

 HINP De Ryck Petrus, Teamchef verkeer, van de lokale politie Zottegem/Herzele/Sint-Lievens-Houtem was ook aanwezig om info in te zamelen om de nodige omleidingen te kunnen voorzien.

Van 12 tot en met 18 mei 2014 kunnen bewoners van Zonnegem hun opmerkingen geven over de voorstellen, ofwel via technischedienst@sint-lievens-houtem.be ofwel mondeling aan het loket van de technische dienst, Marktplein 3.



Lokale politie Zottegem/Herzele/Sint-Lievens-Houtem neemt deel aan de dag van verkeersveiligheid


Op 5 mei verzamelden 250 leerlingen van de derde graad van het Sint-Paulusinstituut en Atheneum Herzele in de Steenoven. Daar woonden ze de theatermonoloog Flits bij.

Na de middag vonden workshops plaats in de Wattenfabriek. Twee jongeren van ‘De Hoop’ getuigden over hun ongeval en de revalidatie achteraf. Pisad gaf toelichting bij de soorten drugs, de gevaren ervan en werkte preventief.

De Lokale Politie van Zottegem/Herzele/Sint-Lievens-Houtem simuleerde een verkeerscontrole. Enkele jongeren, met te luide muziek in de wagen, werden onderschept en naar de parking van de Wattenfabriek gebracht. 

Daar vond de controle plaats, voor het oog van tientallen leerlingen. De controle begon bij een alchoholtest maar ging snel over naar andere drugs. Ook de wagen zelf werd aan een fouille onderworpen. 

Na afloop kregen de leerlingen de kans om vragen te stellen, onder andere bij de grootte van de boetes. De reacties waren unaniem positief omdat de leerlingen op een heel realistische manier de werking van een controle leerden kennen.

Zowel de organisator, meerbepaald de Jeugddienst en Contactpunt Onderwijs van Herzele, waren heel tevreden over de samenwerking met de lokale politie.

Politiezone Zottegem – Herzele – SLHoutem leert leerlingen zesde leerjaar fietsen in het echte verkeer


Verkeersvaardigheid is voor jonge fietsers van kapitaal belang om zich veilig en zelfstandig te kunnen verplaatsen. Om die verkeersvaardigheid op de fiets te testen, is er nu het Grote Fietsexamen, een kant-en-klaar educatief pakket waarmee scholen aan de slag kunnen om zelf een fietsexamen in de praktijk te organiseren.

Het Grote Fietsexamen is bedoeld voor leerlingen uit het zesde leerjaar van het basisonderwijs – kinderen die bij de overstap naar de middelbare school vaak zelfstandig naar school zullen fietsen, doorgaans verder van huis. Met het educatieve pakket en het daarbij horende examen kunnen scholen hun leerlingen voorbereiden op die grote stap. 

Het Grote Fietsexamen maakt ook meteen duidelijk aan welke verkeersregels en praktische vaardigheden de jonge fietsers nog speciale aandacht moeten besteden. Daarmee vormt het Grote Fietsexamen het logische vervolg op de Grote Verkeerstoets, de succesvolle theorietoets voor het vijfde leerjaar waarmee de VSV jaarlijks meer dan 20.000 leerlingen bereikt.



Ook in onze politiezone namen verschillende scholen deel aan dit initiatief georganiseerd door VSV. De leerlingen dienden 2 proeven af te leggen. De eerste was voorzien op het verkeerspark aan de Bevegemse Vijvers waar verschillende verkeerssituaties nagebootst werden. Het tweede gedeelte betreft een uitgestippelde route op de openbare weg, met verschillende verkeerssituaties die door ofwel leerkrachten ofwel door INP Du Tranoix Thierry van onze politiezone beoordeeld worden. Na het afleggen van de proeven krijgen de leerlingen een rapport uitgereikt waarop al dan niet verbeterpunten staan.

dinsdag 6 mei 2014

Vergeet niet je HFD-wapen te registreren vóór 25 mei 2014


Tot nu toe stonden er 676 wapens of de HFD- lijst. De lijst bevat een overzicht van wapens met historische, folkloristische of decoratieve (HFD) waarde die vrij verhandeld konden worden in ons land. Via een nieuw koninklijk besluit, dat in werking is getreden op 25 mei 2013, wordt deze lijst nu afgeschaft. Hierdoor is voortaan ook voor deze wapens een vergunning nodig.

Naar aanleiding van de dodelijke schietpartij in Luik besloot de regering strenger op te treden tegen het gebruik van wapens. De HFD wapens konden namelijk door iedereen die meerderjarig is vrij aangekocht worden. Voor particulieren die willen deelnemen aan historische of folkloristische activiteiten of schuttersfeesten, bijvoorbeeld de reconstructie van de veldslag van Waterloo, verandert er niets. Zij kunnen dit soort activiteiten blijven doen. Zij dienen de wapens wel aan te geven. Deze maatregel geldt ook niet voor geneutraliseerde wapens, buskruitwapens (behalve moderne replica's) en niet-vuurwapens.

Sport- en recreatieve schutters
Voor sport- en recreatieve schutters verandert er niets aangezien er reeds een vergunningsplicht bestond voor hen. Zij dienen alleen een aangifte te doen van de wapens waarmee ze niet schieten.

Niet-erkende wapenverzamelaars
Niet- erkende wapenverzamelaars (minder dan 5 vuurwapens) en gewone bezitters moeten een aangifte doen bij de lokale politie binnen een jaar na inwerkintreding van het Koninklijk Besluit. De politie zal nakijken of het wapen al dan niet geseind staat en of de aanvrager een gevaar vormt voor de openbare orde. Voor de rest worden geen bijkomende voorwaarden gecontroleerd. De aangifteprocedure is gratis.

Niet- erkende wapenverzamelaars (met vijf wapens of meer) kunnen een erkenning aanvragen als wapenverzamelaar en krijgen een voorlopige vergunning. Er zal met grote soepelheid omgesprongen worden wat betreft het aangeven van het thema van de verzameling (bvb. wapens WO I en WO II of wapens van de vroegere HFD-lijst). De verzamelaars kunnen deze wapens verder aankopen en invullen in het register na het verkrijgen van hun erkenning en binnen het thema.

Erkende verzamelaars
Erkende verzamelaars (met meer dan vijf vuurwapens) moeten geen aangifte doen per wapen maar enkel de wapens inschrijven in het register, deze inschrijving dient binnen de vijftien dagen te gebeuren. Zij dienen hierbij geen rekening te houden met de beperkingen die hen normaal opgelegd worden door het verzamelthema.

Wapenhandelaars
Wapenhandelaars mogen deze wapens alleen nog maar verkopen na de voorlegging van een vergunning of verzamelerkenning, ook hier dienen de wapens binnen de vijftien dagen ingeschreven te worden in de registers. Op wapenbeurzen kunnen enkel nog oude buskruitwapens, geneutraliseerde wapens en niet-vuurwapens verkocht worden.

Deadline 25 mei 2014
De aangifte van de vuurwapens moet binnen een jaar na de inwerkingtreding van het Koninklijk Besluit gebeuren bij de lokale politie die een voorlopige vergunning geeft. De definitieve vergunning wordt afgeleverd door de gouverneur. Er worden geen speciale voorwaarden opgelegd maar de vergunning kan geweigerd worden wanneer er gevaar is voor de openbare veiligheid.

Conclusie
  • De lijst van vrij verkrijgbare vuurwapens wordt afgeschaft. Geen enkel vuurwapen kan nog vrij verkocht worden.
  • Deze maatregel geldt niet voor: buskruitwapens (behalve moderne replica's); geneutraliseerde wapens; wapens gebruikt voor historische en folkloristische verenigingen bij optochten, historische reconstructies en schuttersfeesten; niet- vuurwapens.
  • Iedereen die minder dan 5 vuurwapens bezit moet een aangifte doen vóór 25 mei 2014
  • Erkende verzamelaars moeten geen aangifte doen per wapen, zij dienen de wapens enkel in te schrijven in het register
  • Er worden geen bijkomende veiligheidsmaatregelen opgelegd aan de bezitters van HFD- wapens
  • De aangifteprocedure bij de politie en de aflevering van de definitieve vergunning door de gouverneur (vergunning zonder recht op munitiebezit) is gratis.

Infobrochure
De infobrochure over het einde van de verkoop van HFD- wapens kan je hier terugvinden.
Herdenking Eerste Wereldoorlog
Wapens die werden gebruikt tijdens de Eerste Wereldoorlog zullen niet vergunningsplichtig zijn bij herdenkingsoptochten van de Eerste Wereldoorlog en de historische reconstructies van gebeurtenissen daaruit in de betrokken periode. Dit onder bepaalde voorwaarden vermeld in het Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 20 september 1991 betreffende de vuurwapens met historische, folkloristische of decoratieve waarde en de vuurwapens die voor het schieten onbruikbaar zijn gemaakt, met het oog op de herdenkingsmanifestaties van de Eerste Wereldoorlog.

Kinderlokken, bewustmaking van kinderen

We geven in dit artikel enkele algemene raad over de bewustmaking van kinderen van kinderlokkers.
Vanaf welke leeftijd moeten kinderen bewust gemaakt worden van de risico’s van kinderlokken? 

Zodra ze kunnen stappen, lopen de kinderen het risico te ontsnappen aan de controle van de ouders. Op druk bevolkte plaatsen zoals markten, grote winkelcentra, winkelstraten, parken, toeristische bestemmingen, het strand, feestzalen enzovoort, hoeft de ouder maar één seconde afgeleid zijn en het kind loopt weg en raakt verloren. In de heel grote meerderheid van de gevallen loopt alles goed af; de ouders en het kind vinden elkaar terug na enkele minuten en ze komen er met de schrik vanaf. Jammer genoeg wordt het kind in zeldzame maar heel tragische gevallen de gemakkelijke prooi van een kinderlokker op de loer.

Vanaf de leeftijd van drie of vier jaar zouden kinderen de elementaire veiligheidsnoties moeten kennen om zo tragedies te kunnen vermijden. Rond de leeftijd van vijf of zes jaar wordt het al mogelijk om een echte conversatie met hen aan te gaan over kinderlokken.

De basisregels van de informatie voor kinderen 

De veiligheidsinstructies moeten aan kinderen op een eenvoudige manier worden uitgelegd, aangepast aan hun leeftijd en er moet worden duidelijk gemaakt dat de ouders verwachten dat ze zich op een bepaalde manier gedragen. De instructies moeten wel degelijk beantwoorden aan hun noden, rekening houden met hun gevoeligheid en de concrete omstandigheden waarmee ze geconfronteerd riskeren te worden.

Ouders en opvoeders maar ook andere specialisten die contact hebben met kinderen kunnen hen deze informatie geven. Dit kan zowel in een gesprek als via folders, affiches, radio- en tv-uitzendingen, aangepast aan kinderen. Deze info kan verder uitgewerkt worden met oefeningen, rollenspellen e.d. In de klas of tijdens andere schoolactiviteiten kan er eventueel een debat rond worden georganiseerd.

Geen schade toebrengen ...

Volwassenen moeten oppassen om kinderen niet te traumatiseren door te gruwelijke details te vertellen. Ze moeten evenmin hun eigen ervaringen overbrengen op hun kinderen wanneer zij zelf ooit slachtoffer zijn geweest van pedofielen of andere kinderaanvallers. In de volgende artikels gaan we bespreken wat kinderen moeten weten om gevaarlijke situaties te vermijden en in voorkomend geval, hoe ze zich best gedragen.

maandag 5 mei 2014

Kinderlokken, de basisregels voor ouders

Wees waakzaam, houd uw kind altijd in het oog. Onthoud dat zorgvuldige bewaking door de opvoeders de beste verdediging tegen kinderlokkers is.

Ga er niet van uit dat iemand anders op eigen initiatief uw verantwoordelijkheden gaat overnemen en op uw kinderen zal letten. Wanneer u even wil uitrusten, iets anders doen, weggaan enzovoort, vraag dan formeel aan een vertrouwenspersoon om op uw kinderen te letten.

Laat uw kind nooit alleen in een auto, zelfs al is het maar voor heel kort.

Zorg ervoor dat uw kind zijn familienaam, zijn adres en zijn telefoonnummer kent.

Leer uw kind zo snel mogelijk het telefoonnummer van de politie.

Leer uw kind de telefoon te gebruiken zodat het u of de politie kan contacteren. Dit kan ook nuttig zijn als het verloren is gelopen. Zelfs heel kleine kinderen zijn in staat het nummer van de hulpdiensten te bellen wanneer ze verdwaald zijn of in gevaar zijn.

Spreek samen met uw kind een geheime code af. In een noodgeval of wanneer u verhinderd bent, weet het dat het de mensen die beweren voor hem te zullen zorgen en die dit codewoord kennen, kan vertrouwen. Wanneer dit echter niet het geval is, zal het kind zich wantrouwig moeten opstellen en u bellen om andere instructies te vragen.

Zorg ervoor dat de naam van uw kind niet zichtbaar op zijn kleren of schoolspullen staat. Wanneer iemand bij de naam geroepen wordt, lijkt het meteen of ze elkaar kennen en de bewaking zal zich hierbij geen vragen stellen. Bovendien vertrouwen kinderen meestal de mensen die hun voornaam kennen.





zondag 4 mei 2014

Hoe kunnen we een echt product van namaak onderscheiden?

De handel in namaak is een regelrechte ramp voor onze economie en treft echt alle sectoren: medicamenten, kleding, speelgoed, sigaretten enz. Maar behalve die economische impact, houden namaakproducten ook heel wat risico’s in voor onze gezondheid. Elk jaar gebeuren er duizenden ongevallen door toedoen van namaakproducten. Als we rekening houden met onderstaande tips, kunnen we de schade toch al beperken.
Echt of namaak? Waar moeten we op letten?

Het is voor ons als consument niet altijd gemakkelijk om te achterhalen of een product dat we graag zouden kopen, nu echt of namaak is. Gelukkig bestaan er wel een aantal “trucjes” die ons daarbij kunnen helpen. Hier volgen enkele aandachtspunten.

Een abnormaal lage prijs

De prijs is meestal de opvallendste aanwijzing. Doordat de namaakproducent geen belastingen betaalt en geen onderzoekskosten heeft, kan hij zijn producten tegen een veel lagere prijs aanbieden dan de concurrentie. Als de prijs van een product u dus abnormaal laag lijkt, wees dan op uw hoede. Maar dit criterium gaat niet altijd op: namaakproducten worden namelijk ook wel verkocht voor dezelfde prijs als het originele product ...

Een inferieure kwaliteit

De kwaliteit van een namaakproduct is doorgaans veel minder dan van het origineel. Aarzel dus niet om een product dat u op het oog hebt, eerst goed te bekijken. Let daarbij bijvoorbeeld op het materiaal, de naden, de verf of de afwerking. Ook de verpakking kan fouten bevatten die wijzen op namaak: misvormde lijnen, een vage opdruk, een foute kleurencombinatie ... Het komt verder vaak voor dat er spellingfouten op staan. Kijk tot slot ook naar het etiket, de gebruiksaanwijzing en eventuele opdrukken op het artikel zelf.

Een ongewoon verkooppunt

Let extra op bij verkoopmethoden die u niet alle garanties bieden: de snelverkoop van artikelen, op een ongewone plaats, via een parallel netwerk enz.

Geen garantie

Bij aankoop van een origineel product is er altijd een dienst naverkoop en/of krijgt u een garantiebewijs en soms ook een echtheidscertificaat. Wat die echtheidscertificaten betreft, informeert u zich het best eerst bij de houder van het recht. Wanneer deze geen echtheidscertificaten uitgeeft voor zijn producten (zoals o.a. het geval is bij Vuitton, Chanel en Dior), dan is een dergelijk document juist een teken dat het om namaak gaat!

Verkoopsargumenten

Het is risicovol om enkel af te gaan op de argumenten van de verkoper. Die kan bijvoorbeeld beweren dat een bepaald product zo sterk is afgeprijsd wegens overproductie of kleine fabricagefoutjes, of dat het om outlet gaat. Houd er ook rekening mee dat verkopers van namaak vaak foto’s uithangen van de originele producten om u te misleiden. Bovendien vernietigen bepaalde grote merken hun niet-verkochte artikelen aan het einde van het jaar: deze kunnen dus nooit in het outletcircuit terechtkomen.

Als de verkoper u bevestigt dat de producten volkomen legaal zijn vervaardigd in een bepaald land, betekent dat overigens nog niet dat het originele producten zijn die legaal werden ingevoerd. U kunt dit soort gegevens altijd checken op de site van de fabrikant.

zaterdag 3 mei 2014

Strooi geen afval rond

De lente is opnieuw in het land en de tuinkarweitjes schreeuwen om aandacht. Deze tijd van het jaar gaat vaak gepaard met zwaarbeladen autoritten naar het containerpark. Regelmatig zien wij auto’s met volgeladen aanhangwagens waarvan de lading onvoldoende vastgemaakt werd of waarvan de staat of de signalisatie van de aanhangwagen zelf niet in orde is.

Omdat heel wat zwerfvuil afkomstig is van transport naar het containerpark is het belangrijk dat gebruikers voldoende aandacht hebben voor het laden van een voertuig. Het probleem is immers wel gekend bij de meeste weggebruikers. Ladingen die op de openbare weg terechtkomen veroorzaken heel wat verkeersellende, van fileleed tot ernstige ongevallen.

Wat kan je doen?

  • Controleer altijd of jouw lading onder normale verkeerssituaties niet van jouw wagen of aanhangwagen kan vallen.
  • Ook moet een losse lading (een lading waarvan het gevaar bestaat dat deze tijdens het rijden van het voertuig kan vallen) altijd netjes afgedekt worden. Denk hierbij ook aan wegwaaien of verliezen van zandkorrels, gras, stenen,...
Alvast bedankt voor jullie medewerking en de aandacht voor het milieu!

Regelgeving rond het vastmaken van lading: wegcode.be

woensdag 30 april 2014

Resultaten verkeerscontroles

Resultaten flitscontroles met onderschepping van 26 april 2014

Sint-Lievens-Houtem

Aantal controles: 447
Aantal overtredingen: 48

Herzele

Aantal controles: 1176
Aantal overtredingen: 85

Zottegem

Aantal controles: 362
Aantal overtredingen: 38

Tijdens deze actie werden er 14 bestuurders onderworpen aan een ademtest, 13 bestuurders bliezen "safé" en 1 "alarmfase".

2 bestuurders werden onderworpen aan een speekseltest gebruik drugs in het verkeer met 1 positief resultaat tot gevolg, hiervoor werd een proces-verbaal opgemaakt.

Verder werden er 1 OI nummerplaat, 1 PV Rijbewijs - snelheid, 1 PV niet verzekerde bromfiets, 1 PV technische keuring en 2 PVW 's inbreuk op de verkeerswetgeving opgemaakt.

dinsdag 29 april 2014

Resultaten verkeerscontroles

Resultaten flitscontroles zonder onderschepping van 28 april 2014

Sint-Lievens-Houtem

Aantal controles: 152
Aantal overtredingen: 9

Herzele

Aantal controles: 751
Aantal overtredingen: 63

Resultaten flitscontroles zonder onderschepping van 29 april 2014

Zottegem

Aantal controles: 230
Aantal overtredingen: 59

Herzele

Aantal controles: 441
Aantal overtredingen: 153

maandag 28 april 2014

Wedstrijd voor beginnende bestuurders

Net als vorig jaar lanceert het BIVV in samenwerking met MNM een wedstrijd voor beginnende bestuurders, dit keer gericht op de gevaarlijke eerste kilometers.

De actie werd vorige week aangekondigd in De Grote Peter Van de Veire Ochtendshow.

Twee jongeren maken kans om ‘de ideale vakantiejob’ met een aantrekkelijk salaris te winnen en zijn tegelijkertijd de ambassadeurs van deze nieuwe BIVV-campagne.

Meer info vindt u HIER

donderdag 24 april 2014

Mogen we alles zeggen op internet?

Een uitspraak doen op internet is eigenlijk net hetzelfde als een uitspraak doen in het openbaar. Internet is dus geen plaats waar we zomaar alles kunnen zeggen en doen. De vrijheid van meningsuiting heeft zo haar beperkingen: laster en eerroof worden niet getolereerd. Je mag niemand pesten, je mag een foto’s van personen mogen verspreiden zonder hun toestemming en je mag zeker geen racistische of xenofobische uitspraken doen. De wet is hierover heel duidelijk.


Laster en eerroof

Het is verboden om:

- iemand te beschuldigen van iets zonder hiervoor een bewijs te hebben; men kan dan aangeklaagd worden voor laster;

- iemand van iets te beschuldigen wanneer het bewijs niet meer geldig is, bijvoorbeeld door verjaring; men kan dan aangeklaagd worden voor eerroof;

- een gerucht te verspreiden en zo de eer van een persoon aan te tasten (belediging);

- feiten bekend te maken bij een grote groep mensen, enkel en alleen om iemand schade toe te brengen; men kan dan aangeklaagd worden voor kwaadwillige ruchtbaarmaking.


Strafbare vormen van cyberpesten

Cyberpesten, dat meestal voortkomt uit “gewoon” pesten, is ook strafbaar. Enkele strafbare vormen zijn: flaming, non-verbaal cyberpesten, outing, masquerade en pesten met als enige bedoeling schade toe te brengen aan de reputatie van het slachtoffer.

- Masquerade: hierbij doet de pester zich voor als het slachtoffer en stuurt dan obscene of kwetsende berichten naar zijn of haar vrienden of familieleden. Dit kan beschouwd worden als “valsheid in geschrifte”.

- Flaming: hieronder verstaan we het versturen van agressieve en minachtende berichten via e-mail of forums en beledigende sms’jes.

- Outing: het gaat hier om het bekendmaken van persoonlijke informatie (van gevoelige, vertrouwelijke of gênante aard) over het slachtoffer om hem of haar diep te kwetsen en te vernederen.


Bescherming van het beeldrecht

Het beeldrecht houdt in dat mensen die te zien zijn op foto’s en in video’s, altijd hun toestemming moeten geven voor publicatie. Als iemand erin toestemt gefotografeerd of gefilmd te worden, wil dit nog niet zeggen dat hij of zij ook de toestemming geeft om de beelden te publiceren of te verspreiden. Deze twee soorten toestemming moeten dus duidelijk van elkaar worden onderscheiden en moeten dan ook apart verkregen worden. Als de beelden bovendien van pornografische aard zijn en/of als er minderjarigen op voorkomen, zal de straf nog zwaarder zijn (artikel 383bis, §1 van het Strafwetboek).


Aanzetten tot haat en discriminatie
De inhoud van de verstuurde en geposte berichten is ook van belang. De verzender(s) en de ontvanger(s) moeten niet alleen hun toestemming geven om de beelden te verspreiden, maar de inhoud mag ook niet racistisch, xenofobisch, discriminerend enz. zijn. Zo is het volgens de antiracisme- en antidiscriminatiewetten verboden om:

- aan te zetten tot discriminatie, segregatie, haat of geweld jegens personen of groepen,

- op basis van nationaliteit, ras, nationale of etnische oorsprong, seksuele geaardheid, religieuze of filosofische overtuiging, leeftijd, handicap, fysieke of genetische eigenschappen, sociale achtergrond, taal, enz.

dinsdag 22 april 2014

WAARSCHUWING : Opgelet voor "Microsoft" oplichters !!!!

Recent werden enkel inwoners opgebeld door "Microsoft" oplichters. Deze bellen je op en stellen voor om (niet bestaande) problemen op je computer op te lossen. Ondertussen stelen ze waardevolle data van je harde schijf of laten je betalen voor hun "hulp".

De man of vrouw aan de telefoon geeft zich uit als medewerker van het bedrijf Microsoft. Meestal gebeuren de telefoontjes in het Engels. De oplichter zegt dat er iets aan de hand is met uw computer en dat hij/zij dit euvel voor u zal verhelpen.

Vervolgens neemt men vanop afstand uw computer over. Na enkele muiskliks en het ingeven van een wachtwoord kan de fraudeur persoonlijke informatie uit uw computer halen, zoals bankgegevens en geheime codes. Vaak wordt ook gevraagd om een online betaling te doen voor antivirussoftware.

Ga in geen geval in op dergelijke telefoontjes!

Probeer indien mogelijk het telefoonnummer van de beller te noteren en doe onmiddellijk aangifte bij de politie.

Microsoft zelf heeft ook een informatieve website opgestart omtrent de oplichters. Voor meer info, klik hier.

woensdag 16 april 2014

Resultaten verkeersacties

Op vrijdag 11 april en zaterdag 12 april voerde de lokale politie een algemene controle op het gebruik van de gordel; gsm en het parkeren op plaatsen voor mensen met een handicap

Resultaten :

15 OI gordel
14 OI gsm
6 OI parkeren op een plaats voor mindervaliden
6 OI parkeren
1 OI beschermkledij motorrijder
1 OI kentekenplaat aanhangwagen
1 PV inschrijving voertuig
1 PV verkeersbelasting
1 PV verzekering bromfiets/fietspad/identiteitskaart
1 PV verstreken keuring/gsm
1 PV bezit drugs
1 PV roekeloos rijgedrag
1 PV alcoholintoxicatie
1 PV drugs in het verkeer met onmiddellijke intrekking van het rijbewijs
2 PVW 's voor diverse inbreuken op de verkeerswetgeving
33 negatieve ademtesten
1 negatieve speekseltest

maandag 14 april 2014

Persmededeling "Snelheidscontroles op de dag van de Ronde van Vlaanderen"

OUDENAARDE, 10/04/2014 – Op zondag 6 april 2014 ging de 98ste Ronde van Vlaanderen door met als aankomstplaats Oudenaarde. Deze wielerwedstrijd is in de eerste plaats een sportief evenement maar er werden toch ook meer dan 120 nevenactiviteiten georganiseerd. Om al deze evenementen in goede banen te leiden en het publiek alsook de genodigden een aangename dag te bezorgen, werden in totaal 1920 mensen (politie, stewards en seingevers) ingezet.

Om de veiligheid van de talrijke supporters en toeschouwers te garanderen, worden sinds 5 jaar flitsvoertuigen ingezet over het hele arrondissement Oudenaarde om eventuele snelheidsduivels af te remmen. Dit jaar werden op 9 controleplaatsen in totaal 3722 voertuigen gecontroleerd waarvan 683 voertuigen en motoren sneller reden dan de toegelaten snelheid.

Concreet betekent dit dat 18,4% van de gecontroleerde bestuurders tegen de lamp liepen. In 2013 was dat 7,80% en in 2012 was dit nog 10,14%. Ondanks de fundamentele wijziging in de opbouw van het parcours, blijken nog steeds een groot aantal bestuurders zich met overdreven snelheid te verplaatsen langsheen het parcours. Opmerkelijk is dat 115 bestuurders (17%) van de 683 op het grondgebied van het arrondissement Oudenaarde, meer dan 10km/uur te snel reden.

28 hoogvliegers reden zelfs meer dan 30km/u te snel met een absolute uitschieter van 74km/uur boven de toegelaten snelheid.

Daarnaast worden ook de zogenaamde recidivisten, of de bestuurders die meerdere malen werden geflitst in 2014 of verspreid over de voorbije 5 jaar, aangepakt. 19 recidivisten zullen eerstdaags een proces-verbaal in hun bus krijgen. Net zoals voorgaande jaren zal ook dit jaar voor de politierechtbank een themazittingsdag worden belegd, waarop alle recidivisten/snelheidsovertreders gedagvaard worden. De datum van deze zitdag is nog niet gekend.

Tot slot werden er dit jaar naast de snelheidscontroles ook alcoholcontroles gehouden door de PZ Vlaamse Ardennen. In totaal werden op twee verschillende plaatsen 40 bestuurders gecontroleerd. Slechts drie personen bleken geïntoxiceerd te sturen.

Met deze controles wensen de heer Procureur des Konings Geert Merchiers en de politiediensten van het arrondissement Oudenaarde bij te dragen tot een verhoogde verkeersveiligheid.

vrijdag 11 april 2014

Fietsers, wees voorzichtig op rotondes!


Omwille van de veiligheid zijn er meer en meer rotondes op onze wegen. Voor fietsers kan rijden op een rotonde echter risico’s met zich meebrengen.

Rotonde: wat kunnen we fietsers aanbevelen?
  • Vertraag als u een rotonde nadert, de bestuurders die er al op rijden, hebben voorrang.
  • Als er een fietspad is moet u het gebruiken.
  • Is er geen fietspad, rijd dan op de rechterrijstrook en zorg er voor dat u voor de andere bestuurders goed zichtbaar blijft.
  • Hou rekening met de voertuigen die zich links van u bevinden en die de rotonde willen verlaten. U hebt voorrang als u op de rotonde blijft verder rijden. Toch is het beter om te vertragen en zelf voorrang te geven. Zo loopt u het minste risico om omvergereden te worden.
  • Maak uw voornemen om de rotonde te verlaten duidelijk en tijdig kenbaar door uw rechterarm uit te steken.
  • Geef bij het verlaten van de rotonde voorrang aan de voetgangers die de rijbaan oversteken.
  • Als het fietspad buiten de rotonde ligt, geef dan aan elke zijweg voorrang aan de voertuigen die de rotonde verlaten.

donderdag 10 april 2014

Cyberpesten : hoe reageren hoe voorkomen ? Enkele tips !

Het gebruik van sociale media door jongeren is niet meer weg te denken uit de huidige maatschappij. Sociale communicatiemiddelen zijn leuk maar er bestaan jammer genoeg ook gevaren. Eén van die gevaren is cyberpesten. 

Cyberpesten is een verzamelnaam voor alle vormen van pesterijen die gebruik maken van internet, GSM, computer, … om slachtoffers lastig te vallen, te bedreigen, te beledigen, …

Deze elektronische variant van het “gewone” pesten is doorgaans veel schadelijker en langduriger, doordat de kwetsende berichten en/of foto’s bijna altijd en voor iedereen toegankelijk zijn. Vaak beseffen pesters – zeker als het kinderen of jongeren zijn – ook niet hoe kwetsend hun gedrag is en hoeveel schade ze kunnen aanrichten. Zij hebben meestal de neiging hun pesterijen te onderschatten en af te doen als onschuldige “grappen”.

Een aantal jongeren geeft toe zich al eens schuldig te hebben gemaakt aan het belachelijk maken of pesten van iemand via het internet. Cyberpesters sturen berichten of posten commentaren of foto’s via mails, sms’jes, blogs en chatrooms met de bedoeling hun slachtoffer te bedreigen, te vernederen of lastig te vallen.

Deze regelmatig terugkerende “aanvallen” op personen zijn des te pijnlijker omdat ze meestal anoniem zijn, altijd en overal kunnen gebeuren en vaak ook voor iedereen zichtbaar zijn.

Cyberpesten veroorzaakt doorgaans ook meer psychologische, emotionele en sociale schade bij het slachtoffer doordat de pester anoniem blijft, wat natuurlijk niet het geval is bij ‘gewoon’ pesten. Bovendien kan cyberpesten constant, dag en nacht, doorgaan en door iedereen worden gezien, waardoor het vernederende effect voor het slachtoffer nog groter is.

Enkele tips voor wanneer u wordt geconfronteerd met cyberpesten : 
  • Reageer nooit op beledigende berichten, hatelijke mails of sms’jes, zodat de pester er geen plezier aan beleeft.
  • Blokkeer de afzenders van dergelijke ongewenste mails en schrap pesters uit uw contactenlijst.
  • Gebruik een schuilnaam voor chatrooms e.d. en verander die meteen wanneer u wordt lastiggevallen.
  • Wanneer u op een site, blog of chatroom door iemand wordt lastiggevallen of gepest, waarschuw dan onmiddellijk de moderator of provider, zodat deze persoon kan worden geblokkeerd. Indien nodig verander uw gebruikersnaam / schuilnaam.
  • Wanneer u een nieuw e-mailadres wenst aan te maken, kan het handig zijn om te werken met twee adressen. Het ene gebruikt u voor de goede vrienden (die beloven dan wel om dit aan niemand door te geven) en het andere gebruikt u voor de bredere kennissenkring en de inschrijving op websites.
  • Praat er over met iemand ! Dit kan met een vriend, je ouders, een leerkracht of een vertrouwenspersoon op school !

Aarzel nooit om aangifte te doen van cyberpesterijen bij de politie. 

Enkele tips om cyberpesten te voorkomen :
  • Blijf zelf altijd correct en beleefd in uw mails en berichten aan anderen en verstuur of post nooit foto’s of teksten die anderen kunnen kwetsen, ook al zijn ze “grappig” bedoeld.
  • Ouders : leer uw kinderen vanaf het begin om zich verantwoordelijk te gedragen op het internet, met respect voor alle andere gebruikers – net zoals in het echte leven.
  • Geef nooit persoonlijke gegevens door van uzelf of van familie of vrienden aan iemand van wie u niet weet wat zijn of haar bedoelingen zijn.
  • Wees voorzichtig met het gebruik van webcams: de persoon “aan de andere kant” kan zo foto’s van u nemen zonder dat u het weet.
  • Antwoord niet op e-mails of uitnodigingen vanwege onbekenden. Spreek erover met een volwassene in geval van problemen.

woensdag 9 april 2014

Zelf beelden van bewakingscamera’s op het internet zetten: een goed idee?


Een winkelier die al meermaals werd overvallen of bestolen, kan uit frustratie wel eens in de verleiding komen het recht in eigen handen te nemen. Als hij daarenboven de indruk heeft dat de politie weinig of niets doet om de daders te identificeren, zou hij de beelden, die hij heeft opgenomen met een bewakingscamera, wel eens eigenhandig kunnen verspreiden.

De moderne techniek van goedkope videocamera’s die relatief duidelijke beelden opnemen en bewaren, in combinatie met verspreidingsmogelijkheden als YouTube, maken het delen van die beelden tot kinderspel. Met enkele muisklikken worden beelden gedeeld, gelinkt ... en als ze spectaculair zijn, gaan ze zelfs viraal.

Maar wat is de bedoeling hiervan? En wordt het beoogde doel zo ook bereikt?

Op het eerste gezicht lijkt deze werkwijze interessant:

- U kunt het zeer snel doen, soms zelfs nog op de dag van de feiten zelf.
- U bereikt veel mensen, zeker als u actief bent op de sociale media.
- U hoeft geen administratieve rompslomp of pietluttige regeltjes te volgen.

Bij nader inzien zijn er wel enkele zeer belangrijke nadelen aan verbonden:

- U begaat een inbreuk op de privacy van de gefilmde personen die – uiteraard – geen toestemming hebben gegeven om hun beelden verspreiden. Dat kan u een strafklacht opleveren.

- Mochten de daders dan al geïdentificeerd worden, dan kunnen zij deze schending inroepen en misschien zelfs een veroordeling ontlopen wegens procedurefouten.

- Als de daders worden herkend, krijgt u in het beste geval een telefoontje met hun identiteit. Wat dan? Het recht in eigen handen nemen kan gevaarlijk zijn, u weet immers niet met wie u te maken hebt. En wat doet u als de opgegeven naam niet de juiste blijkt te zijn?

- Als de vermoedelijke (!) identiteit van de daders de ronde doet op internet, zijn overdreven reacties van hun omgeving niet uit te sluiten. En de gevolgen voor iemand die ten onrechte van strafbare feiten wordt beschuldigd, zijn soms niet te overzien.

Wat doet u dan best met beelden die het onderzoek vooruit kunnen helpen?

- Spreek erover met de politiemensen die de vaststellingen komen doen. Zij gaan dan na of de daders al gekend zijn voor andere feiten. Indien ze hen niet kunnen identificeren aan de hand van de eigen databanken, kunnen ze aan het parket de toestemming vragen om een opsporingsbericht te verspreiden.

- De dienst opsporingsberichten van de federale politie verspreidt de beelden op vraag van een magistraat in de juiste context. Aan elk opsporingsbericht wordt daarenboven een telefoonnummer gekoppeld waar eventuele getuigen terechtkunnen. Daar worden de tips gebundeld en aan de onderzoekende politie-eenheid doorgegeven. Die kunnen dan de informatie natrekken en de daders identificeren om zo het echte doel te bereiken: de daders van strafbare feiten voor de rechter brengen en laten veroordelen.

dinsdag 8 april 2014

HFD-wapens moeten voortaan worden aangegeven

Sommige particulieren hebben een of meerdere oude wapens die een zekere waarde vertegenwoordigen als erfgoed in huis. Aangezien dergelijke oorlogssouvenirs geen enkel crimineel doel dienen, was er volgens de wet dan ook geen enkele vergunning voor nodig. In 2007 werd de lijst van historische, folkloristische en decoratieve wapens die vrij verkocht mochten worden – de zogenaamde HFD-lijst – zelfs nog uitgebreid.
Zes jaar later, in mei 2013, werd deze lijst echter afgeschaft en voortaan zullen dus ook deze wapens moeten worden aangegeven en geregistreerd.

Waarom werd de HFD-lijst afgeschaft?

De politiediensten constateerden dat sommige van die HFD-wapens waarvoor in het buitenland nog munitie te verkrijgen is, toch weer opdoken in criminele milieus. Vandaar dat de Belgische ministers van Justitie en van Binnenlandse Zaken besloten om de volledige HFD-lijst af te schaffen. Voor het bezit van dergelijke historische, folkloristische of decoratieve wapens is nu dus weer een vergunning nodig.

De wijzigingen aan het Koninklijk Besluit van 20 september 1991
Bepaalde vuurwapens die vermeld worden in het eerste artikel van het KB van 20 september 1991 zullen nog steeds vrij mogen worden verkocht. Het gaat hoofdzakelijk om modellen of brevetten van voor 1890 van buskruitvuurwapens die voor 1945 werden gemaakt, en om alle wapens die door de Proefbank voor vuurwapens in Luik werden geneutraliseerd.
De lijst in bijlage van bovengenoemd KB werd echter afgeschaft, waardoor alle niet-geneutraliseerde vuurwapens voortaan vallen onder de categorie “vergunningsplichtige wapens”.
Het feit dat voor bepaalde wapens geen gepaste munitie meer wordt gemaakt, betekent dus ook niet langer dat die wapens vrij verkrijgbaar zijn.
Bovendien is de fabricatiedatum die bepaalt dat wapens die voor die tijd zijn gemaakt, vrij verkrijgbaar zijn, verschoven van 1897 naar 1895.

Registratie van HFD-wapens

De houder van een vuurwapen dat door het KB van 8 mei 2013 vergunningsplichtig is geworden, moet dit wapen voorleggen aan de lokale politie vóór 25 mei 2014. De politie zal dan een voorlopige vergunning (model 6) afgeven, op voorwaarde dat de houder meerderjarig is en nog nooit veroordeeld is.
Vervolgens wordt er een vergunningsaanvraag naar de gouverneur gestuurd. De houder van het betreffende vuurwapen mag dit wapen voorhanden houden in afwachting van de beslissing. De vergunning wordt gratis afgeleverd, maar er moet wel telkens een bijdrage worden betaald bij de vijfjaarlijkse controle.
Wanneer de houder minstens vijf vuurwapens bezit, kan hij ook een verzamelerkenning voor HFD-wapens aanvragen. Verzamelaars die al een erkenning hadden op 25 mei 2013, moesten ten laatste op 9 juni hun wapens inschrijven in hun register. Het thema van hun verzameling is niet van toepassing op deze wapens.

Wanneer de vergunning wordt geweigerd

De gouverneur gaat na of de aanvrager niet het voorwerp is van een lopende schorsing of intrekking van een vuurwapenvergunning en of er geen redenen van openbare orde zijn die daartoe aanleiding geven.
Wanneer de vergunning wordt geweigerd, moet de betrokken houder binnen de acht dagen na kennisneming van de beslissing zijn vuurwapen in bewaring geven, of het afstaan aan een erkend of vergund persoon, of het laten neutraliseren door de Proefbank in Luik, of het overdragen aan de politie voor vernietiging.
Het is mogelijk om in beroep te gaan tegen de beslissing van de gouverneur bij de Federale Wapendienst binnen 15 dagen na kennisneming van de beslissing per aangetekend schrijven. In laatste instantie kan enkel nog beroep worden aangetekend bij de Raad van State.


Bewaring en veiligheidsmaatregelen

Voor het thuis bewaren van HFD-wapens moeten de volgende regels in acht worden genomen:

1. De wapens mogen geen munitie bevatten.
2. De wapens en de munitie moeten buiten het bereik van kinderen worden bewaard.
3. De wapens en de munitie mogen niet op dezelfde plaats worden bewaard.
4. De plaats van bewaring mag geen zichtbare aanduiding hebben die duidelijk maakt dat er wapens of munitie liggen opgeslagen.
5. Gereedschap dat een inbraak zou kunnen vergemakkelijken, mag zich nooit langer dan noodzakelijk in de buurt van de bewaarplaats bevinden.
© Secunews.be

maandag 7 april 2014

Nummerplaat voor bromfietsen verplicht vanaf 31 maart

Vanaf 31 maart 2014 moeten bromfietsen en lichte vierwielers worden ingeschreven bij de Dienst Inschrijving Voertuigen. Het gaat zowel om nieuwe als reeds ingeschreven voertuigen. Zonder nummerplaat mogen deze voertuigen niet meer op de openbare weg komen. Er wordt wel een uitzondering gemaakt voor elektrische rolstoelen. De wijziging komt er om overtredingen makkelijker te kunnen verbaliseren.

Volgens het KB op de inschrijving van voertuigen mogen voertuigen pas in het verkeer worden gebracht wanneer ze ingeschreven zijn en de nummerplaat dragen die bij de inschrijving werd toegekend. Tot nog toe was die inschrijving niet verplicht voor onder meer bromfietsen. De wetgever wijzigt deze bepaling nu als volgt: ‘Inschrijving is niet verplicht voor bromfietsen en lichte vierwielers, met uitzondering van nieuwe en reeds ingeschreven voertuigen’.

De verplichting geldt meer concreet voor alle tweewielige (categorie L1e) of driewielige (categorie L2e) voertuigen met een maximumsnelheid van 45 km/u en volgende kenmerken:
- voor tweewielers, een motor met een cilinderinhoud van ten hoogste 50 cm³ (voor motoren met inwendige verbranding) of een nominaal continu maximumvermogen van ten hoogste 4 kW (voor elektrische motoren);
- voor driewielers, een motor met een cilinderinhoud van ten hoogste 50 cm³ (voor motoren met elektrische ontsteking), een netto-maximumvermogen van ten hoogste 4 kW (voor andere soorten motoren met inwendige verbranding) of een nominaal continu maximumvermogen van ten hoogste 4 kW (voor elektrische motoren).

Voor lichte vierwielers gaat het over voertuigen met een lege massa van ten hoogste 350 kg (categorie L6e), exclusief de massa van de accu’s in elektrische voertuigen, met een maximumsnelheid van 45 km/u en een motor met een cilinderinhoud van maximum 50 cm³ (voor motoren met elektrische ontsteking), een nettomaximumvermogen van ten hoogste 4 kW (voor andere motoren met inwendige verbranding) of een nominaal continu maximumvermogen van ten hoogste 4 kW (voor elektrische motoren).

Via een tweede besluit van 23 maart 2014 legt Staatssecretaris voor Mobiliteit, Melchior Wathelet, de vorm en de afmetingen van de nummerplaat vast. De nummerplaat heeft een witte achtergrond. Het opschrift en de boord zijn robijnrood (RAL 3003). Het opschrift zal bestaan uit een combinatie van de letter ‘S’ gevolgd door 3 letters afhankelijk van het type voertuigen en 3 cijfers. De letterreeks van bromfietsen van klasse A start steeds met letter A, voor bromfietsen van klasse B is dit de letter B en voor lichte vierwielers is de eerste letter telkens een U. 


Bijvoorbeeld

- S-AAA-001 voor bromfietsen van klasse A;
- S-BAA-001 voor bromfietsen van klasse B;
- S-UAA-001 voor lichte vierwielers.

woensdag 2 april 2014

Bestuurlijke aanhouding van een persoon: het verloop en de regels

Wanneer iemand bestuurlijk wordt aangehouden, krijgt hij dan ook te horen wat de reden hiervoor is? Hoe lang mag iemand in zo’n geval worden vastgehouden? Wie moet er worden ingelicht over de aanhouding? Wordt er altijd een proces-verbaal opgemaakt? In ons vorige artikel bespraken we de mogelijke situaties waarin de politie iemand bestuurlijke kan aanhouden. Nu nemen we de concrete gang van zaken en de wettelijke voorwaarden onder de loep.

Duur en moment van de bestuurlijke aanhouding

Deze vorm van vrijheidsberoving mag nooit langer duren dan absoluut noodzakelijk is voor de omstandigheden die de aanhouding rechtvaardigen. De bestuurlijke aanhouding moet dus worden opgeheven zodra de reden ervoor is weggevallen. Wanneer iemand bijvoorbeeld bestuurlijk werd aangehouden wegens openbare dronkenschap, moet hij weer worden vrijgelaten zodra hij gekalmeerd, nuchter en weer bij zijn positieven is.
Een bestuurlijke aanhouding mag in geen enkel geval langer dan 12 uur duren. Dat is de wettelijk toegestane maximumduur.
De duur van de vrijheidsberoving gaat in op het moment dat de betrokken persoon niet langer kan gaan en staan waar hij wil door de interventie van een politiebeambte of -autoriteit. Dit moment wordt steeds bepaald op een manier die het gunstigste is voor de betrokken persoon, d.w.z. zo vroeg mogelijk in de tijd.

Verwittiging van een officier en de autoriteiten van de bestuurlijke politie


Wanneer de bestuurlijke aanhouding werd uitgevoerd door een agent van de bestuurlijke politie, moet deze zich zo snel mogelijk richten tot de officier van bestuurlijke politie (OBP) waaronder hij ressorteert. De aanhouding valt dan vanaf dat moment onder de verantwoordelijkheid en de controle van die officier.
Als de officier van bestuurlijke politie de aanhouding bevestigt, zal hij die laten inschrijven in het aanhoudingsregister en vervolgens ook zo snel mogelijk de burgemeester van de gemeente waar de persoon werd aangehouden – of de hiervoor bevoegde politieautoriteit (bv. de Dienst Vreemdelingenzaken) – hiervan op de hoogte brengen.
Het is de taak van de burgemeester en andere bevoegde autoriteiten om de concrete richtlijnen vast te leggen voor deze procedure.

Verplichting om de aangehouden persoon te informeren


Op het moment van zijn aanhouding en wanneer hij in een cel wordt opgesloten, moet de betrokken persoon door de verantwoordelijke politiebeambte op de hoogte worden gebracht van alle nuttige informatie en van zijn rechten. Die informatie moet worden verstrekt op het moment dat de politiebeambte de betrokken persoon aanhoudt, of op het moment dat de officier van bestuurlijke politie de aanhouding uitvoert of bevestigt.

Deze officiële kennisgeving moet schriftelijk worden bevestigd in het aanhoudingsregister. Wanneer de aangehouden persoon de taal van de betrokken politiebeambte niet of onvoldoende begrijpt of niet spreekt, heeft hij het recht de nodige informatie te krijgen in zijn eigen taal of in een taal die hij wel begrijpt.
De gegevens die onder die informatieplicht vallen, zijn: de vrijheidsberoving, de reden of motieven hiervoor, de maximale duur van de detentie, de procedure voor de veiligheidsfouille, de opsluiting in een cel en het aandoen van handboeien, de mogelijkheid om dwangmaatregelen te nemen...


Inschrijving in het aanhoudingsregister


Iedere aanhouding moet worden ingeschreven in het aanhoudingsregister. Dit register is het verslag van het chronologische verloop van de vrijheidsberoving, van het begin van de aanhouding tot het einde of tot het moment dat de betrokken persoon wordt overgedragen aan de bevoegde autoriteiten of diensten.
In geval van een bestuurlijke aanhouding wordt er niet altijd een proces-verbaal opgemaakt. Om toch een zekere controle mogelijk te maken, moeten een aantal zaken zeker worden vermeld in het aanhoudingsregister, zoals: het reële tijdstip van de aanhouding, het tijdstip van aankomst op het politiebureau, de volledige identiteit van de aangehouden persoon, de reden voor de aanhouding, een opsomming van de voorwerpen die op de betrokken persoon zijn gevonden...









 

maandag 31 maart 2014

Diefstal met list : wat te doen nog voor je bezoek krijgt ?

De lokale politie maakt bejaarde burgers er regelmatig op attent dat ze waakzaam moeten zijn wanneer personen zich onaangekondigd en onder voorwendsels aan hun deur aanbieden. Doel van deze personen is immers enkel binnen te raken om te proberen alles van waarde te stelen.
Uiteraard is het belangrijk om juist te reageren bij een dergelijk verdacht bezoek, maar ook op voorhand kan je al een aantal voorzorgsmaatregelen nemen om beter gewapend te zijn als iemand met slechte bedoelingen aan de deur staat.

Enkele voorzorgsmaatregelen die u altijd kan nemen.

· Zonder u niet af. Houd regelmatig contact met familie, kennissen of verenigingen. Zorg ervoor dat de buren uw telefoonnummer hebben en spreek af om nu en dan poolshoogte te gaan nemen bij elkaar.

· Sluit de buitendeuren altijd goed af en vergeet daarbij de garagepoort niet.

· Laat een veiligheidsketting of een spion plaatsen in de voordeur. Zo kunt u zien wie er aan de deur staat zonder te moeten opendoen.

· Als u alleen woont, laat dat dan niet duidelijk blijken uit het opschrift op uw brievenbus of op de bel.

· Bewaar geen grote sommen geld in huis. Waardevolle voorwerpen kan men best fotograferen en markeren.

· Houd belangrijke telefoonnummers (hulpdiensten, familie, buren, vrienden...) altijd binnen handbereik

zaterdag 29 maart 2014

Dodelijke ongevallen met motorrijders: risico’s en omstandigheden

In België, net zoals in de rest van Europa, zijn motorrijders vaker betrokken bij ernstige verkeersongevallen dan andere weggebruikers. Om dit fenomeen beter te kunnen begrijpen, heeft het Belgisch Instituut voor Verkeersveiligheid (BIVV) een diepgaand onderzoek uitgevoerd. Het BIVV baseerde zich daarvoor op de gerechtelijke dossiers van 200 zware of dodelijke ongevallen waarbij motorrijders waren betrokken. De meeste van die ongevallen hadden plaats in 2010, een klein deel ervan in 2009.

Het doel van dit onderzoek was tweeledig. Enerzijds wilde men achterhalen welke oorzakelijke en verzwarende factoren een rol spelen bij ernstige ongevallen met motorrijders in België. Anderzijds wilde men de typische situaties waarin dergelijke ongevallen gebeuren, identificeren. We zullen hier enkele belangrijke resultaten van dit onderzoek kort bespreken, maar eerst willen we even wijzen op de beperkingen van het BIVV-onderzoek.

Beperkingen van het onderzoek

In het onderzoeksrapport van de BIVV wordt duidelijk aangegeven dat deze grondige analyse van zware en dodelijke ongevallen met motorrijders op basis van gerechtelijke dossiers een aantal methodologische beperkingen heeft:

• De dodelijke ongevallen zijn oververtegenwoordigd in deze steekproef (1 op de 2); in werkelijkheid is de verhouding van dodelijke ongevallen tegenover zware ongevallen (zonder dodelijke slachtoffers) in België 1 op 7.
• Het onderzoek baseert zich hoofdzakelijk op processen-verbaal van de politie, maar de gedetailleerdheid van die informatie verschilt sterk van pv tot pv.
• Het alcoholpercentage in het bloed van de motorrijders die betrokken waren bij een zwaar of dodelijk ongeval, werd in de meeste gevallen in 2010 niet gecontroleerd.
• De onderzoekers zijn zelf nooit op de plaats van de ongevallen geweest.
• De gerapporteerde snelheid vlak voor het ongeval berust op een schatting. De hiervoor gebruikte methode leidt echter vaak tot een onderschatting van de snelheid.

Soorten ongevallen en hun oorzaken

De balans van “initiators” van een dergelijk ongeval helt licht over in het nadeel van de motorrijders. De initiator van een ongeval is niet noodzakelijk de (enige) verantwoordelijke voor het ongeval in juridische zin, maar hij heeft wel de verkeerssituatie zodanig gewijzigd dat het ongeval heeft kunnen gebeuren.
56% van de onderzochte ongevallen werd zo “geïnitieerd” door de motorrijder en 41% door een andere weggebruiker. Bij de resterende 3% was er sprake van een externe oorzaak, bijvoorbeeld het slechte wegdek. Motorrijders zelf, die zich vaak ergeren aan de slechte staat van de bepaalde Belgische wegen, schatten deze laatste oorzaak over het algemeen veel hoger in.

Bij 35% van de motorongevallen was de motorrijder de enige betrokkene. In 90% van die gevallen werd het ongeval veroorzaakt door de motorrijder zelf, meestal doordat hij de controle over het stuur verloor, of doordat hij begon te slippen bij het afremmen.

Bij de overige 65% van de ongevallen, waarbij dus nog een andere weggebruiker betrokken is, had in iets meer dan de helft van de gevallen de andere weggebruiker de motorrijder niet of veel te laat gezien. En in 10% van dit soort gevallen had de andere weggebruiker de snelheid waarmee de motor kwam aangereden, onderschat.
Vandaar dat verschillende recente campagnes enerzijds hameren op het belang van de zichtbaarheid van motorrijders, en anderzijds automobilisten erop wijzen dat ze steeds extra goed moeten opletten voor ze een manoeuvre uitvoeren.

Profiel: bijna 100 % mannelijk

De overgrote meerderheid (98%) van de verongelukte motorrijders waren mannen. De gemiddelde leeftijd van de motorrijders die bij de onderzochte ongevallen waren betrokken, was 40 jaar. Toch waren er in verhouding meer jonge mannen onder de slachtoffers. Het is dus zeker interessant om over enkele jaren na te gaan wat het effect is van de nieuwe procedure voor het behalen van een motorrijbewijs op de veiligheid van jonge motorrijders.

vrijdag 28 maart 2014

Bestuurlijke aanhouding van een persoon: wanneer en waarom?

Als iemand de openbare orde verstoort, deelneemt aan een manifestatie die uit de hand loopt of op het punt staat een misdrijf te plegen, kun hij bestuurlijk worden aangehouden. Maar wat is dat nu eigenlijk precies, een bestuurlijke aanhouding? En in welke omstandigheden is deze gewettigd?

De begrippen “bestuurlijke politie” en “openbare orde”

In het kader van de uitoefening van hun wettelijke bevoegdheden als bestuurlijke politie, mogen de politiediensten beperkingen opleggen aan de individuele rechten en vrijheden, indien nodig onder dwang. Het gaat hier vooral om de mogelijkheid iemand van zijn vrijheid te beroven om verstoring van de openbare orde te voorkomen of te stoppen.
Openbare orde is een ruim begrip en omvat zowel rust en veiligheid als volksgezondheid.

De term “bestuurlijke aanhouding” concreet

De bestuurlijke (of administratieve) aanhouding van een persoon door de politie kunnen we als volgt omschrijven: het ontnemen van de vrijheid van een persoon om te gaan en te staan waar hij wil, met het oog op de handhaving of het herstel van de openbare orde. De politie kan overgaan tot de bestuurlijke aanhouding:
- enkel en alleen als dit absoluut noodzakelijk is voor de handhaving van de openbare orde;
- van personen die daadwerkelijk aan de basis liggen van de verstoring van de openbare orde;
- als dit de enige en beste manier is om de openbare orde te handhaven;
- als dit de meest adequate en minst gewelddadige vorm van interventie is.

Mogelijke omstandigheden die een bestuurlijke aanhouding rechtvaardigen

1) Wanneer een persoon de politie hindert bij de uitvoering van haar opdracht om het verkeer vrij te houden, kan een bestuurlijke aanhouding nodig zijn om een vlotte doorgang van het verkeer te herstellen.
Bijvoorbeeld: een groep mensen houdt een sit-in op een kruispunt of op een deel van een autosnelweg.

2) Wanneer een persoon daadwerkelijk de openbare orde verstoort.
Bijvoorbeeld: iemand veroorzaakt nachtlawaai op de openbare weg of in een voor het publiek toegankelijke ruimte.

3) Wanneer iemand duidelijk aanwijsbaar voorbereidingen treft om een misdrijf te plegen dat een gevaar betekent voor de openbare orde of de openbare veiligheid.
Bijvoorbeeld: iemand staat op het punt om brand te stichten in een gebouw, of om iemand anders aan te vallen.

4) Wanneer iemand daadwerkelijk een misdrijf pleegt en hierdoor een ernstige bedreiging vormt voor de openbare rust of de openbare veiligheid. Of de bestuurlijke aanhouding nu gerechtvaardigd is of niet, de politie treedt in dit geval op om het misdrijf te stoppen en de openbare orde te herstellen of te vrijwaren.
Bijvoorbeeld: iemand is zo dronken dat hij een gevaar vormt voor zichzelf en/of voor anderen.

5) Wanneer iemand deelneemt aan een samenscholing die moet worden opgeheven door de politie omdat de betrokkenen:
- gewapend zijn;
- misdaden begaan of wanbedrijven plegen tegen personen en/of goederen;
- in overtreding zijn met de wet inzake het verbod op privémilities;
- de bedoeling hebben om te plunderen, mensen te bedreigen of aan te vallen...;
- zich verzetten tegen de toepassing van de wet, tegen een bevel van de politie of een politiemaatregel, tegen een beslissing van de rechter of een dwangbevel.
Bijvoorbeeld: manifestanten in Brussel willen het politiekordon doorbreken om de “neutrale zone” rond het Koninklijk Paleis en het Parlement te betreden.

In het kader van de opheffing van dergelijke samenscholingen mag de politie overgaan tot de bestuurlijke aanhouding van alle personen die de openbare rust verstoren, met als doel hen af te zonderen van de betrokken samenscholing en de openbare orde te herstellen.




donderdag 27 maart 2014

Een getuigschrift van goed zedelijk gedrag aanvragen

Een getuigschrift van goed zedelijk gedrag kun je nodig hebben om te solliciteren voor een job, om je als zelfstandige te vestigen, voor het aanvragen van een jachtvergunning, …

Er bestaan twee verschillende modellen

  • Model 2 heb je nodig wanneer je een job wilt uitoefenen waarbij je in contact komt met minderjarigen. Dit is het geval als je bijvoorbeeld in een school wil werken.
  • Voor al het overige heb je model 1 nodig.

Het strafblad

Iedereen die een dergelijk getuigschrift nodig heeft, kan het aanvragen. Alles wat op je strafblad staat, wordt  erin vermeld.

Het strafblad is een registratie van de wetsovertredingen waar iemand voor veroordeeld is. 'Veroordeeld zijn' wil zeggen dat een rechter een uitspraak heeft gedaan in een strafzaak. Pas als iemand voor een strafbaar feit heeft moeten voorkomen en door een rechter veroordeeld is, wordt er gezegd dat hij of zij "een strafblad heeft". De straffen worden bijgehouden in een register. Ook het strafregister genoemd. Het beheer daarvan berust bij de burgemeester van een gemeente. Het zijn dan ook de gemeentediensten die het strafregister up to date houden. Dat is ook meteen de reden waarom een getuigschrift van goed zedelijk gedrag aangevraagd en bekomen wordt bij de gemeentediensten en niet bij de politie.

Vonnissen van de politierechtbank blijven  drie jaar  staan op het getuigschrift van goed zedelijk gedrag. Daarna gaan ze er automatisch af. Vonnissen van de correctionele rechtbank blijven er altijd op staan.

Eénmaal in je leven kan je eerherstel vragen voor correctionele vonnissen. Hiervoor mag je de laatste drie jaar geen correctionele veroordeling hebben en moeten alle burgerlijke partijen vergoed zijn.

De meeste burgers hebben gelukkig een 'blanco' strafblad en dat staat dan ook zo in het getuigschrift voor goed zedelijk gedrag.

 Afhandeling

het getuigschrift voor goed zedelijk gedrag wordt  niet  afgeleverd door de politie maar door de gemeente van je woonplaats dienst bevolking en/of burgerzaken. Het blijft daar aan te vragen en op te halen.

Nog maximaal 30 km/u op wegen met F99-borden

Vanaf 31 maart 2014 geldt een snelheidsbeperking van 30 km/u op de wegen die zijn aangeduid met de verkeersborden F99a, F99b of F99c. Die borden wijzen de wegen aan die voorbehouden zijn voor voetgangers, fietsers, ruiters en landbouwvoertuigen.

  
De aanwijzingsborden F99a, F99b en F99c.

Tot op vandaag voorzag de Wegcode geen specifieke snelheidsbeperking voor deze wegen, waardoor de snelheidslimiet op 90 km/u lag. De wegbeheerder (of zijn gemachtigde) was verplicht om een lagere snelheid aan te geven met extra verkeersborden (C43). De invoering van een uniforme regeling moet de gemeentebesturen dus heel wat werk besparen.

Bovendien moet het de veiligheid op wegen met een F99a, F99b of F99c-bord verhogen. Op die wegen zijn immers ook gemotoriseerde voertuigen van en naar de aanliggende percelen toegelaten, net als niet-gemotoriseerde drie- en vierwielers, voertuigen voor onderhoud, afvalophaling, toezicht en hulpverlening, en prioritaire voertuigen.

De wijziging ligt in de lijn van de andere bijzondere snelheidsbeperkingen in de Wegcode. Voor een woonerf is een maximale snelheid van 20 km/u van toepassing, voor een verhoogde inrichting 30 km/u, net zoals voor de zone-30 en de fietsstraat.

De wet van 29 januari 2014 treedt in werking op 31 maart 2014, 10 dagen na publicatie in het Staatsblad.

Wanneer begint de zomertijd?

In de nacht van zaterdag 29 maart 2014 op zondag 30 maart 2014 schakelen we over van wintertijd op zomertijd. 

Om juist te zijn: we draaien de klok één uur vooruit, twee uur wordt drie uur.
De overschakeling naar zomertijd heeft gevolgen:
·         zondagochtend zal je één uur minder kunnen slapen;
·        het zal langer klaar zijn daardoor kan je meer van het daglicht genieten om activiteiten te doen, zoals in de tuin werken of sporten. Kinderen kunnen langer buiten spelen en mensen zullen meer tijd in openlucht kunnen doorbrengen;
·         er wordt minder elektriciteit verbruikt.